Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Updates over elektrisch laden, emissierechten en marktontwikkelingen direct in je inbox.

Volg ons

Copyright Voltico © 2026 Alle rechten voorbehouden

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Updates over elektrisch laden, emissierechten en marktontwikkelingen direct in je inbox.

Volg ons

Copyright Voltico © 2026 Alle rechten voorbehouden

Kennis

Hoe deelt jouw laadpaal gegevens met Voltico voor het inboeken van ERE’s?

Wil je niet wisselen van laadapp? Ontdek hoe Voltico's OCPP-proxy jouw data op de achtergrond verzamelt, en automatisch omzet in ERE-inkomsten.

Wil je niet wisselen van laadapp? Ontdek hoe Voltico's OCPP-proxy jouw data op de achtergrond verzamelt, en automatisch omzet in ERE-inkomsten.

Geschreven door

Edward Poot
Hoe-deelt-jouw-laadpaal-gegevens-met-Voltico-voor-het-inboeken-van-ERE’s

Om jou te kunnen helpen bij het inboeken van ERE's, moeten we weten hoeveel je hebt geladen. Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk zit er een uitdaging: jouw laadpaal communiceert mogelijk al met een backoffice-systeem. Hoe zorgen we dat wij die gegevens ook ontvangen, zonder dat jij van app hoeft te wisselen? Het antwoord is: met een OCPP-proxy.

Hoe communiceert een laadpaal met een backoffice?

De meeste laadpalen die thuis of op een bedrijfslocatie zijn aangesloten, communiceren via een protocol dat OCPP heet: Open Charge Point Protocol. Dat is de internationale standaard voor de communicatie tussen laadpalen en het systeem dat ze beheert: het CSMS (Charge Station Management System), soms ook wel een ‘backoffice’ genoemd. Denk aan de software van je laadpaalleverancier, of het platform waarmee een installateur of netwerkbeheerder jouw paal beheert.

In de standaardsituatie is er één rechtstreekse verbinding: van laadpaal naar CSMS. Elke laadsessie wordt zo verstuurd.

Het probleem: hoe komen we aan jouw laadgegevens?

Om ERE’s correct in te kunnen boeken, heeft Voltico toegang nodig tot dezelfde laaddata: wanneer is er geladen en hoeveel kWh betrof dit. Zonder die data kunnen we niets inboeken, laat staan valideren.

De eenvoudigste situatie is wanneer jouw laadpaal of het bijbehorende platform zelf de mogelijkheid biedt om laaddata met derden te delen. Sommige systemen doen dat via een directe API-koppeling. Maar dat is lang niet altijd het geval: veel laadpalen en beheersystemen bieden die optie niet.

De oplossing: een OCPP-proxy

Een proxy is een tussenstap. In plaats van dat jouw laadpaal rechtstreeks met jouw bestaande CSMS praat, maakt hij verbinding met de proxy van Voltico. Die proxy stuurt vervolgens alle communicatie transparant door van en naar jouw originele CSMS. Voor jouw laadpaal en voor jouw beheersysteem verandert er niets: de verbinding werkt precies zoals voorheen.

Het verschil: Voltico “luistert” mee op die verbinding en registreert de laaddata die nodig is voor het inboeken van ERE’s. Geen dubbel systeem, geen nieuwe app, geen wijziging in hoe je laadpaal functioneel werkt.

Dit is overigens geen noodoplossing of workaround. De OCPP Alliance, de organisatie die het OCPP-protocol beheert, beschrijft dit proxy-model expliciet als een erkende en aanbevolen architectuur (OCPP 2.0.1, artikel 8.2).

Hoe betrouwbaar is dat?

Een proxy die tussen jouw laadpaal en je beheersysteem zit, moet foutloos werken. Als de proxy uitvalt, verlies je de verbinding. Dat is precies waarom Voltico’s infrastructuur is gebouwd met:

  • Servers in meerdere geografisch gescheiden Europese datacentra: bij uitval van één locatie nemen andere het automatisch over

  • Redundante netwerk- en hardware-infrastructuur

  • Continue monitoring en automatische failover

De proxy is geen losse server ergens in een cloud, maar een gedistribueerde infrastructuur ontworpen om single points of failure te vermijden. Bovendien testen we na elke software-update automatisch op tal van punten of de end-to-end verbinding intact is.

Wat verandert er voor jou?

In de praktijk: vrijwel niets.  Je geeft door wat de originele CPMS of diens URL en  stelt eenmalig jouw persoonlijke proxy-URL van Voltico in als het adres waarnaar jouw laadpaal verbinding maakt. Dat kan soms op afstand via het CSMS worden ingesteld, of op de laadpaal zelf. Wij configureren de rest en zorgen dat alle berichten correct bij jouw originele systeem terechtkomen.

Daarna loopt alles automatisch. Jij hoeft niets bij te houden, niets te exporteren, niets te uploaden.

Waarom dit beter is dan handmatig exporteren

Alternatieven die in de markt voorkomen, zoals CSV-exports, foto's van meterstanden, handmatige uploads, zijn foutgevoelig en niet herleidbaar. De NEa eist dat laaddata onomstotelijk aan de juiste installatie, de juiste locatie, het juiste meetinstrument en de juiste periode te koppelen is. Dat kan niet met losse bestanden (meer daarover dit artikel). 

Daarom heeft Voltico een eigen proxy ontwikkeld, specifiek ontworpen voor het inboekproces: elke laadsessie wordt real-time geregistreerd, gekoppeld aan jouw aansluiting en meter, en vastgelegd in een digitaal grootboek. Dat is wat een verificateur wil zien, en wat zorgt dat jouw ERE’s ook daadwerkelijk worden goedgekeurd en uitbetaald. Bovendien heb je als klant alles in één hand: de datakoppeling, de administratie, de inboeking en de verificatie. Loopt er iets mis met de uitlezing of de koppeling? Dan los je dat op bij één partij die het hele proces overziet.


Heb je een geschikte laadpaal thuis en wil je ERE’s claimen? Meld je aan via onze website.

Deel dit artikel